Een Vlaamse burgerbegroting: gewoon doen?

De democratie vandaag is democratischer dan ooit. Politieke participatie is niet beperkt tot verkiezingen. Steeds vaker vinden burgers hun weg naar het beleid. Burgers doen dat op verschillende manieren.

Vaak dwingen burgers toegang tot het beleid af. Ze vormen actiegroepen, dienen bezwaarschriften in, voeren campagnes op sociale media of gaan naar rechtbanken. Denk aan de Oosterweelverbinding of de klimaatzaak.

Burgerparticipatie wordt echter niet alleen afgedwongen. Overheden zoeken ook zelf steeds vaker de burger op. Initiatieven tot burgerparticipatie passen in deze trend.

Aan de Vlaamse universiteiten is er trouwens heel wat boeiend onderzoek over democratische vernieuwing. Sofie Mariën (KULeuven) heeft een heel onderzoeksteam dat werkt rond democratische innovatie. Didier Calluwaerts (VUB) doet onderzoek over participatie en beleid. Thibaut Renson (UGent) werkt aan een doctoraat over burgerbegrotingen. Bram Verschuere (UGent) en Trui Steen (KULeuven) bestuderen coproductie van beleid.

De burgerbegroting van het district Antwerpen is één van de succesverhalen van de participatiebeweging. Niet alleen is Antwerpen erin geslaagd om veel burgers te mobiliseren en veel beleidsideeën op te pikken, de burgerbegroting zette het district Antwerpen ook op de kaart. Regelmatig stappen er internationale delegaties af om de burgerbegroting te bestuderen.

Het Vlaams parlement onderzoekt nu of ook de Vlaamse overheid met een burgerbegroting kan werken. Samen met Eva Wolf en Sabine Rys deed ik een studie. Op 2 oktober besprak ik de studie in de Commissie Financiën en Begroting van het Vlaams Parlement. De tekst van de studie vind je hier, de link naar de discussie in het parlement zit hier, mijn presentatie kan je hier downloaden. In deze blog beperk ik me tot enkele vragen.

Kan het wel, zo’n Vlaamse burgerbegroting?

Er zijn redenen om te twijfelen. Burgerbegrotingen zijn vooral een zaak van steden en gemeenten. Alleen Portugal heeft een burgerbegroting op nationaal niveau en dan nog enkel met een bescheiden budget van 3miljoen euro (30 cent per inwoner) in 2017 en 5miljoen euro (50 cent per inwoner) in 2018.

Toch kan het op een grote schaal. In grote steden als Madrid en Parijs begroten burgers met 100 miljoen euro. Als het met 3 miljoen inwoners lukt, dan valt het ook met 6 miljoen Vlamingen te proberen.

Waarom zouden we het willen?

Er worden heel wat heilzame effecten aan burgerbegrotingen toegeschreven. In grote lijnen zijn er drie motieven om een burgerbegroting te starten.

Soms wil men de burger dichter bij de politiek brengen. Als burgers inzien hoe moeilijk het is keuzes te maken, dan zal die burger ook meer begrip opbrengen voor de politiek. Dit lijkt me een magere variant van een burgerbegroting. Niet heel motiverend voor burgers.

Soms wil men vooral effecten bij de burgers zelf teweeg brengen. Wanneer burgers met elkaar discussiëren over een begroting, zullen ze ontdekken dat er een gedeelde verantwoordelijkheid is voor het publieke belang. Het burgerschap wordt zo aangesterkt. Deze doelstelling kan maar bereikt worden als er veel ruimte is voor deliberatie. Om dit in heel Vlaanderen te organiseren, zijn er heel wat middelen nodig.

Soms wil men de politiek dichter bij de burger brengen. Door goed te luisteren naar de voorstellen van de burgers, kunnen politici inspiratie opdoen. Deze laatste doelstelling, beleidsvernieuwing, lijkt het meest nuttig op Vlaams niveau. Een burgerbegroting moet vooral een laboratorium zijn waar nieuwe beleidsideeën kunnen rijpen. Los van beleidskokers.

Welke burgers doen mee?

De meeste burgerbegrotingen werpen een heel breed net uit. Iedereen die woont in de stad, kan aanschuiven. Ook mensen zonder stemrecht zoals jongeren of buitenlanders mogen meedoen. Dat is mooi. Ook inwoners die geen formele rechten hebben betrekken we zo bij onze polis.

Er is ook nog een ander model om burgers te selecteren. Je kan ook een loting organiseren om zo een representatief staal van de bevolking te verkrijgen. Dat is dan weer niet zo’n goed idee. Om goed te begroten heb je geëngageerde burgers nodig. Mensen die al eens nagedacht hebben over wat er goed en fout gaat, die ideeën hebben en die hun ideeën ook willen beargumenteren. De kans dat je dit engagement terugvindt bij een gelote burger, is een stuk kleiner. De kans dat er nieuwe, innovatieve ideeën op tafel komen is dan ook kleiner.

(De Ierse Citizen’s Assembly van gelote burgers was wel een succes. Dit initiatief kan je niet vergelijken met de burgerbegroting. Een burgerbegroting bestaat typisch uit enkele vergaderingen van enkele uren. In de Ierse Assembly neemt men burgers mee in een traject van een jaar. In dat jaar kunnen ze studeren, discussiëren en zo tot een gemotiveerde beleidskeuze komen. De tijd om na te denken zit in het proces)

Wat is een realistisch budget?

De figuur hieronder illustreert de enorme variatie in het budget dat overheden vrijmaken. Het budget in een gezonde verhouding staan tot de organisatiekost van de burgerbegroting. Het budget van Portugal, het enige niet-lokale initiatief, is met 0,5 euro per inwoner bijvoorbeeld bijzonder laag.

Anderzijds mag het budget ook niet te hoog zijn. Burgerbegrotingen leveren vaak nieuwe, creatieve projecten op. Er moet voldoende absorptiecapaciteit zijn in de administratie om de projecten te kunnen uitvoeren. Met bijna 147 euro per inwoner is het budget van Reykjavik aan de hoge kant. Dat zou voor Vlaanderen 1 miljard euro betekenen.

Als we het bedrag van het district Antwerpen extrapoleren van Antwerpen, komen we op Vlaanderen op 36 miljoen euro. Dat bedrag werd ook genoemd in de commissie begroting en financiën. Misschien is dat een goed vertrekpunt. Niet heel ambitieus, maar voldoende hoog om een aantal zinvolle projecten op de sporen te zetten.

Hoe doen we dat dan concreet?

Als de doelstelling duidelijk is, dan is de concrete uitwerking van een burgerbegroting niet de hoogste horde. Er zijn veel methodieken beschikbaar. In ons onderzoek schetsen we een aantal designkeuzes. Het komt erop aan om de verschillende methodieken goed in mekaar te passen, met een goede afwisseling van deliberatieve sessies om projectvoorstellen te genereren met stemrondes om die voorstellen breder te valideren.

Dus als de Vlaamse overheid een burgerbegroting wil, dan moet ze het maar gewoon doen; zorg voor een projectteam met voldoende tijd en middelen, teken een proces uit, keur een begrotingsprogramma goed, probeer het uit, voer de begroting uit, en evalueer. Gewoon doen dus.

Wouter Van Dooren
Wouter Van Dooren
Professor of Public Administration

My research interests include public sector performance; performance information, accountability and learning; and conflict in public participation